Betrap jouw gedachten op heterdaad
Vandaag ga je luisteren naar je eigen innerlijke criticus. Dat hoeft niet de hele dag.
Gedurende de dag kies je een aantal momenten waarop er iets gebeurt dat je raakt. Dat kan in negatieve, maar ook in positieve zin zijn. Bijvoorbeeld wanneer iets niet lukt, of je juist heel trots bent op een resultaat. Of als je geïrriteerd raakt, je ergens tegenop ziet, als je een fout maakt of juist iets goed doet.
Trap op zo’n moment even op de rem en stel jezelf de vraag: Wat zei ik nou zojuist tegen mezelf?
Probeer de gedachte zo letterlijk mogelijk te betrappen.
Dus niet:
Ik was onzeker. Maar echt zoals jij het toen dacht “Zie je wel, dit kan ik dus niet.”
Of:
“Straks vinden ze dit belachelijk.”
Jouw gedachten konden natuurlijk ook juist goed en positief zijn:
“Lekker bezig, dit ging goed.”
“Kom op, nog even.”
“Geen ramp. Gewoon opnieuw proberen.”
Je hoeft er nog niets aan te veranderen. Alleen betrappen.
Aan het einde van de dag heb je zo een paar voorbeelden van hoe jij tegen jezelf praat wanneer er iets gebeurt.